Afgelopen maandag sprak Provinciale Staten over het discussiestuk circulaire economie. Ondanks dat steeds meer burger (initiatieven), start-ups en  coöperaties werken aan een economie waarin grondstoffen niet weggegooid worden, ontbreekt het voornemen om hen ook daadwerkelijk te betrekken in de plannen. Ons Statenlid Rosan Kocken betitelde dat als 'een gemiste kans'.  Hun creativiteit en innovatiekracht helpt ons pas echt vooruit. GroenLinks roept daarom het provinciebestuur op om ruim baan te maken voor groene en innovatieve burgerinitiatieven, coöperaties en start-ups. Hieronder lees je de hele inbreng van Rosan.

Spreektekst Rosan Kocken bij discussiestuk circulaire economie

Hoewel GroenLinks het toejuicht dat de Provincie zich verdiept in, en hopelijk gaat inzetten voor de transitie naar een circulaire economie, valt ons op dat het beginpunt van de discussie zeer eenzijdig is ingestoken. Kansen voor de economie. Is dat werkelijk het enige dat hier in Noord-Holland nog telt? Heeft de bewoner van Noord-Holland slechts daarbij belang? Ik denk van niet.

Voor GroenLinks staat voorop dat als het gaat om circulaire economie, het bittere noodzaak is de verandering zo snel mogelijk in te zetten. Enerzijds geeft de aarde ons een beperkte voorraad grondstoffen en anderzijds hebben wij een enorm afvalprobleem. Als wij in dit tempo doorgaan met die voorraden opmaken en afvalbergen creëren dan is het einde in zicht. De overheid, ook de provinciale overheid moet daarin een trekkersrol nemen. En daarbij moet zij zich bewust zijn van een belangrijke partij die in de verkenning on(der)belicht is. Namelijk de bewoners van onze provincie.

Bewoners die in een mooie en gezonde provincie (en wereld) willen wonen, bewoners die consumenten zijn en bewoners die het graag zélf doen. Aan hen, in welke rol ook, is geen aandacht besteed. Burgers worden in de verkenning één keer genoemd, namelijk als een kennelijk passieve partij bij wie ‘draagvlak’ gecreëerd moet worden. En dat is, overigens ook voor wie slechts oog heeft voor de economie, een gemiste kans.

Wij willen dat de provincie ruimbaan maakt voor groene en innovatieve burgerinitiatieven, coöperaties en start-ups; Ondersteun die partijen waar nodig met middelen én met op de behoefte toegespitste regelgeving; leg hen geen strobreed in de weg.

Ik denk bijvoorbeeld aan regels die wellicht goed bedoeld in algemene zin, soms in een concreet geval voor de betrokkenen helemaal niet als beschermend, maar juist als beperkend uitpakken; Dit is belangrijk voor de verkenning richting de toekomst, maar ook vandaag zijn concrete voorbeelden van aan te wijzen! NDSM-energy in Amsterdam-Noord bijvoorbeeld, die in samenspraak met gemeente en omwonende al tijden proberen een windmolen te realiseren, wat niet lukt door een provinciale regel die beoogt omwonenden te beschermen. Als alle omwonenden juist kiezen voor een windmolen, wie zijn wij dan om dat te verbieden in hún belang?! Het is maar een voorbeeld.  

Subsidies aan grote bedrijven om hen te helpen te verduurzamen, wat in veel gevallen slechts zal uitpakken als green washing, lijkt ons weggegooid geld. Het bedrijfsleven weet al lang dat het hoogtijd is om deze transitie in te zetten. Daaraan besteden zij hun eigen geld, en zo stellen ze hun eigen inkomsten voor de toekomst zeker. De transitie naar een circulaire economie is voor grote gevestigde ondernemers een strategische keuze. Zij hebben Provinciale steun niet nodig. GroenLinks dringt er daarom op aan dat Provinciale gelden in dit verband nadrukkelijk worden aangewend voor kleinschaliger initiatieven.

Daarbij is het van belang dat de overheid zich realiseert dat voor daadwerkelijke verandering een middellange tot lange termijn commitment nodig is. Datzelfde geldt voor de rol van ‘launching customer’, deze is alleen waardevol als er bereidheid bestaat zich voor langere tijd te binden.

Een ander aspect waar de provincie een rol kan nemen is het vooruit helpen van deze kleine initiatieven is het vertalen van initiatieven naar robuustere plannen. Dit blijkt in de praktijk voor coöperaties en burgers een flinke uitdaging. GroenLinks zou het zeer toejuichen als de provincie in haar verdere verkenning ook dit betrekt. 

In alle scenario’s is opgenomen dat de provincie haar eigen inkoopbeleid kan aanpassen. Dat is wat GroenLinks betreft een uitstekende stap. In de meeste gevallen gaat het dan om een cultuuromslag. In sommige gevallen echter zal er aan het begin van de omslag een investering nodig zijn. In veel gevallen wordt dit in de loop der tijd evenwel (ruimschoots) terugverdiend.

Denk bijvoorbeeld aan het laten bouwen van een brug. Kiezen we voor beton of kiezen we voor composiet? Het laatste is in aanschaf weliswaar duurder, het is in onderhoud juist goedkoper. Je kunt het vergelijken met het vervangen van een gloeilamp door een spaarlamp; op termijn ben je goedkoper uit. Scenario 1 is wat dat betreft iets te rooskleurig ofwel niet realistisch: gratis is ook dat scenario (met name op korte termijn) niet.

Hoe dan ook, de provincie is als inkoper een grote speler en kan daardoor met een gewijzigd inkoopbeleid direct een belangrijk verschil maken. GroenLinks zou graag zien dat Noord-Holland the Green Deal Circulair inkopen ondertekent. En zoals al opgemerkt daar zal een investering bij horen. Op alle vlakken waarop de provincie inkoopt dient dit oogmerk meegenomen te worden.

Onze voorkeur gaat uit naar de optie met het grootste budget, met die kanttekening dat dit nadrukkelijk niet gestoken dient te worden in gevestigde grote bedrijven, maar dat dit ten goede komt aan kleinschaligere initiatieven van burgers, coöperaties en start-ups. Gelet op de voorgestelde mogelijkheden gaat onze voorkeur uit naar scenario 4.

Tenslotte breng ik graag het door Natuur & Milieu, Milieu Centraal en het ministerie van Infrastructuur en Milieu georganiseerde “Duurzaam doen-café” komende vrijdag (19 juni) van 15 uur tot 18 uur onder jullie aandacht; Iedereen is van harte uitgenodigd in café de Ceuvel in Amsterdam-Noord om te horen en te praten over verduurzaming en het vergemakkelijken van het maken van duurzame keuzes.

If you think the economy is more important than the environment

Try holding your breath while counting your money!

(professor Guy McPherson   School of Natural Resources, University of Arizona)