Op maandag 10 juli heeft GroenLinks een motie ingediend die beoogt de provincie Noord-Holland te behoeden voor aanzienlijke vertraging in het wind-op-land dossier. De gedeputeerde duurzaamheid (D66) vond de motie niet nodig en overtuigde de coalitiepartijen om tegen te stemmen…
Wat is er precies aan de hand?
Provinciale Staten hebben in april 2016 het Provinciaal Inpassingsplan (PIP)Netwerkuitbreiding Noord-Holland Noord vastgesteld. Die netuitbreiding is nodig voor de leveringszekerheid van energie in de kop van Noord-Holland en is nodig voor het transporteren van in de kop opgewekte windenergie. Met name het geplande windpark Wieringermeer – goed voor bijna 300 MW aan schone energie, bijna de helft van wat er in Noord-Holland moet worden opgewekt (!)- zal daarop worden aangesloten. Bij het aanleggen van dergelijke leidingen is het onvermijdelijk dat burgers en bedrijven daar hinder of schade van ondervinden. Een aantal van hen meende dat de Provinciale Staten (PS) het PIP niet op goede gronden had vastgesteld, en tekende beroep aan bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Raad van State vernietigd PIP
De Raad van State heeft op 1 februari j.l. geoordeeld dat de bezwaren van een aantal omwonenden gegrond is, en dat PS haar besluit beter moet motiveren. Specifiek ten aanzien van het deel van het tracé dat langs de Molenweg in Middenmeer loopt, moet PS beter uitleggen waarom de keuze is gemaakt voor de oostelijke percelen i.p.v. de westelijke percelen.
2e herstelbesluit onvoldoende gemotiveerd
Op 10 juli stemde Provinciale Staten over een zogenoemde ‘herstelbesluit’. Maar in het nieuwe besluit ontbreekt naar onze overtuiging opnieuw een goede onderbouwing voor de keuze voor een tracé over de oostelijke percelen. De belanghebbenden hadden voor de Statenvergadering al aangegeven ook dit herstelbesluit aan de Raad van State te zullen voorleggen. GroenLinks verwacht dat er een grote kans is dat de Raad van State het inpassingsplan wederom naar de prullenbak zal verwijzen. Het gevolg daarvan zal zijn dat het operationeel worden van windpark Wieringermeer - en daarmee de wind-op-land doelstelling- verder uit zicht komt dan ooit. GroenLinks vond dat de gedeputeerde zijn huiswerk moest overdoen, en diende daartoe een motie in.
Hate to say I told you so
Rosan Kocken, woordvoerder Duurzame Energie, maakt zich grote zorgen: “Noord-Holland doet het al ronduit belabberd op het gebied van windenergie. De provincie heeft met haar bovenwettelijke beperkende regels kansrijke windmolenprojecten onmogelijk gemaakt, en het is maar zeer de vraag of de projecten die wél vergund zijn en zullen worden, ook tijdig gerealiseerd zullen worden. De provincie blijft met anderhalf been in het fossiele tijdperk staan. Als er over een jaar een nieuw herstelbesluit voorligt, zullen wij ze aan onze waarschuwingen helpen herinneren. Maar uiteraard hadden we veel liever gezien dat de Gedeputeerde nu de tijd en moeite had genomen om een voldoende gemotiveerd besluit op te stellen, zodat de 685,5 MW die Noord-Holland in 2020 moeten hebben gerealiseerd, tenminste grotendeels nog haalbaar zou zijn.'